Inleiding



Nederland staat aan de vooravond van een duurzame transformatie van de gebouwde omgeving: ruim 7,7 miljoen woningen en 1 miljoen gebouwen. De ambities zijn niet mals. In het Klimaatakkoord van Parijs is in 2015 afgesproken dat de opwarming van de aarde wordt beperkt tot minder dan twee graden Celsius ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. Het streven is om de opwarming beperkt te houden tot anderhalve graad. Uiteindelijk moet heel Nederland in 2050 (bijna) CO2 neutraal. Uiteraard geldt deze doelstelling ook voor de gebouwde omgeving. Van het aardgas afgaan is het middel om CO2 neutraal te worden in de gebouwde omgeving en tegelijk onafhankelijker van inkoop van buitenslands aardgas. Er moet in 2030 in ieder geval al een CO2 reductie van 49% ten opzichte van 1990 gerealiseerd worden. Dit betekent voor de bebouwde omgevingeen CO2 reductie van 3,4 Mton voor woningen en 1 Mton voor utiliteit (industrie en landbouw hebben een eigen opgave). Concreet betekent dit dat in 2030 1,5 miljoen woningen al van het aardgas af moeten en dat de gemeenten deze wijkaanpak eind 2021 al concreet in hun transitievisie warmte moeten hebben staan.


Binnen het Klimaatakkoord zijn vijf sectortafels ingericht, namelijk: Gebouwde Omgeving, Mobiliteit, Industrie, Landbouw en landgebruik en Elektriciteit. Elke sectortafel heeft zijn eigen doelstelling om in 2030 de gezamenlijke doelstelling van 49% CO2 reductie te behalen. Deze analyse zoomt in op de gebouwde omgeving. Hiervoor betekent CO2 neutraal: Volledig af van het aardgas.


Gemeentes maken samen met stakeholders uiterlijk eind 2021 een Transitievisie Warmte (TVW). Hierin leggen ze het tijdpad vast voor een stapsgewijze aanpak richting aardgasvrij. Voor wijken waarvan de transitie voor 2030 is gepland, moeten de gemeentes ook de potentiële alternatieve energie infrastructuren in beeld brengen, waarbij de maatschappelijke kosten en baten en de integrale kosten voor eindgebruikers doorgerekend moeten zijn. Een zorgvuldig afwegingsproces voor de TVW, begint met een goed beeld van de huidige situatie wat betreft:


  • Het gebruik: Wat is het huidige energieverbruik? En wat is het huidige aanbod van energie opwek?
  • De potentie: Wat is er aan bronnen waar we nieuwe energie uit kunnen gaan opwekken?
  • De infrastructuur: Hoe lopen de huidige elektra-, gas- en warmtenetten?


In deze analyse zoomen we in op het huidige energieverbruik van de gebouwde omgeving. Voor deze analyse is gebruik gemaakt van diverse bronnen. Daar waar het externe bronnen betreft, is dit met een nummer tussen haakjes aangegeven. Een overzicht van deze bronnen vindt u terug op de laatste pagina van dit document.


Van leidraad naar analyse

Het opstellen van de Transitievisie Warmte is geen eenvoudige opgave. Om tot een zorgvuldig afwegingsproces te komen voor de TVW worden gemeenten en stakeholders ondersteund vanuit een leidraad die binnenkort wordt gepubliceerd. De leidraad bestaat uit 2 componenten, namelijk:


  • Een startanalyse: een technisch-economische analyse op basis van het Vesta-MAIS model van het Plan Bureau Leefomgeving. Het geeft op basis van landelijke data een eerste schatting van de maatschappelijke kosten en eindgebruikerskosten van verschillende (warmte)opties op buurtniveau.
  • Een handreiking lokale analyse: een handreiking met tips en richtlijnen om gemeentes en modelmakers te ondersteunen bij het aanvullen en uitwerken van de startanalyse met een eigen analyse op basis van lokale data.


De startanalyse is landelijk opgezet en maakt gebruik van generieke kengetallen (economisch en technisch) die voor heel Nederland toepasbaar zijn. Het helpt gemeenten op weg om per buurt een globale selectie te kunnen maken van mogelijke oplossingen om van het aardgas te gaan. Sweco heeft de kennis in huis om deze globale analyse op buurtniveau toe te passen en beschikt over de aanvullende expertise om daar waar nodig de situationele impact mee te nemen in de analyses. Na het maken van keuzes is het van belang om te komen tot een specifieke buurtaanpak waarin participatie, financiën, besluitvorming en techniek integraal onderdeel zijn van het plan. Sweco heeft deze aanpak gestandaardiseerd op basis van best practices.