3. Gevolgen van zeespiegelstijging voor de investeringsagenda

Om de in hoofdstuk 2 genoemde investeringen te beschermen tegen toekomstige zeespiegelstijging is het in de eerste plaats belangrijk om deze zo te plannen en uit te voeren dat ze geen negatieve effecten ondervinden van zeespiegelstijging.

Hiervoor hebben we een inventarisatie gemaakt van mogelijke negatieve effecten in relatie tot de levensduur van de verschillende investeringen. Een mogelijke versnelling van de zeespiegelstijging kan zich vooral vanaf 2050 voordoen. De investeringen met een levensduur langer dan 30 jaar zijn daarom het meest relevant. Daarbij moeten we er echter wel rekening mee houden dat veel investeringen onderdeel zijn van een netwerk, waarvan de levensduur vele malen groter kan zijn. Ook trekken investeringen nieuwe investeringen aan. Zo ontstaat het risico dat de (fysieke) ruimte, die in de toekomst nodig is voor maatregelen tegen zeespiegelstijging, al wordt ingenomen. Om die reden is het belangrijk niet alleen te kijken naar risico’s op objectniveau, maar ook op netwerk- of regionaal niveau. De effecten zijn samengevat in tabel 2.

Per uitdaging vind je hieronder een inventarisatie van mogelijke negatieve effecten die een stijgende zeespiegel heeft in relatie tot de levensduur van de verschillende investeringen.

Belangrijkste risico: beperkte flexibiliteit en aanpasbaarheid

Bij de huidige manier van plannen en inrichten zal het belangrijkste risico van zeespiegelstijging uiteindelijk de beperkte flexibiliteit en aanpasbaarheid van het systeem zijn. In een quick scan naar de toepassing van adaptief deltamanagement in projecten (Sweco, 2020) hebben we geconstateerd dat bij investeringen in de watersector, zoals waterkeringen en waterbouwkundige constructies, in min of meerdere mate rekening wordt gehouden met zeespiegelstijging en het veranderende klimaat. Buiten de watersector is dit niet of weinig het geval, terwijl de investeringen hier vaak veel groter zijn. Een groot risico van de enorme omvang van de investeringsagenda voor de komende decennia is daarom dat de nog beschikbare flexibiliteit en ruimte voor aanpasbaarheid steeds minder wordt.